Posts tonen met het label tutorial. Alle posts tonen
Posts tonen met het label tutorial. Alle posts tonen

zondag 24 februari 2019

C: Flessentuin

Het klinkt misschien gek voor iemand die al jarenlang een grote moestuin heeft en heel erg van tuinieren houdt, maar als het om kámerplanten gaat dan zijn m'n vingers ineens niet zo groen meer. Op een of andere wijze werkt dat kennelijk niet hetzelfde. In huis heb ik daarom, afgezien van tijdelijke kruidenpotjes of overwinterende planten op zolder, door schade en schande eigenlijk nooit zoveel kamergroen opgebouwd.  (Afgezien van één orchidee uit de erfenis van m'n schoonvader, die wonderwel wél nog steeds in leven is gebleven.)
En op zich was dat allemaal prima verder, die groen-loze woonkamer, maar toch begon ik het steeds meer jammer te vinden. Waarom kan ik het plezier van buiten niet wat meer naar binnen halen?
Daarmee werd er langzaam een zaadje geplant (ha!) naar meer groen in huis en afgelopen zomer had ik meteen het ideale project om een overgang mee te maken.
 
Ik stuitte namelijk op het, op internet bekende, plaatje van David Latimer en zijn 'Bottle Garden'. Ik had die afbeelding al eerder gezien, maar dit keer viel het in meer voedzame bodem (Ha!.. oh sorry voor de flauwe woordspelingen.) De foto laat David zien terwijl hij een grote afgesloten gistfles vasthoudt met daarin een volgroeide, (destijds) 54 jaar oude, eendagsbloem-plant (tradescantia virginiana) die hij in 1972 voor het laatst water had gegeven. Deze flessentuinen waren een periode behoorlijk hip back-in-the-day (zie ook hier) en tegenwoordig weer helemaal bezig met een revival.
 
Dat moet te doen zijn, dacht ik meteen. Hoe leuk is het om één (of meer) kleine eigengemaakte afgesloten eco-systeempjes in huis te hebben staan! Onderhoudsarm maar toch hartstikke interessant én groen.
Op internet is er uiteraard veel te vinden qua informatie over het zelf maken van een flessentuin en hoe dit aan te pakken, maar de meest uitgebreide en duidelijke informatie vond ik op YouTube bij SerpaDesign. Mocht je zelf interesse hebben dan zou ik zeker daar eens een kijkje nemen.

De benodigdheden:

  • Een glazen fles (Grote gistflessen zijn erg mooi en retro. De smalle hals is in eerste instantie niet erg handig voor het vullen en planten maar weer wél voor het vinden van een passende stop.) Vaak wel te vinden op rommelmarkten of kringlopen.
  • Steentjes, grit en evt. zand (Voor het maken van een drainagelaag onderin de fles.)
  • Gaas/Vliegengaas (Voor het maken van een scheidingslaag tussen aarde en grit
  • Actieve Kool (Voor het zuiveren van verontreinigingen.)
  • Grondmix (Mix voor een vruchtbare, waterhoudende plantlaag.)
  • Springstaartjes (Om uitbraak van schimmels te voorkomen.)
  • Planten (Die van nature houden van warm en vochtig.)
  • Stop (Voor het afdichten van de fles.)

 

De aanpak:

Ik begon uiteraard met de fles. In de tuin van m'n ouders stond al jarenlang een oude (handgeblazen) gistfles in een verloren hoekje steeds groener uit te slaan. Ooit een kringloopvondst van m'n moeder geweest. Hoe geweldig zou het zijn als ik die weer een nieuw doel kon geven! Heb 'm meegenomen en met allerlei flessenborstels weer helemaal schoon en helder gekregen. Daarna goed nagespoeld met een azijnoplossing en schoon water. Ook kocht ik nog twee grotere glazen potten bij de Action (als we tóch bezig gaan maak ik er meteen meer.) Achteraf zijn die twee gekochte potten niet helemaal handig want ik heb tot op heden nog geen stoppen of kurken gevonden die ze kunnen afdichten, de opening is té groot. Dus dat zijn nu zo lang nog open flessentuinen en moeten regelmatig wat water.

Daarna de steentjes. Met een man die als hobby verschillende terraria onderhoudt voor zijn amfibieën hadden we daar al verschillende steentjes voor liggen, van verschillende grootte ook nog. Heel handig. Maar omdat ze steeds hergebruikt worden heb ik ze wel eerst ontsmet.  Dat kan door ze in een pannetje water op het vuur een poosje te laten koken en daarna goed na te spoelen. Weer eens wat anders in de pan! Een poosje in de oven op 100 graden is ook een manier.


De grootste steentjes gaan onderin de fles, daarbovenop wat kleinere. Niet dat dat per se zo moet (je kunt ze ook gewoon mixen of maar één maat steentjes gebruiken) maar zo ziet het er van de buitenkant wat mooier uit vond ik. Alles bij elkaar wel een paar centimeter hoog.

Daarna ging er een rond geknipt stukje vliegengaas in, aan de randen weggewerkt met wat fijnere steentjes zodat je het van de buitenkant niet ziet. Dit gaas zorgt voor een afscheiding zodat de stenen eronder als drainagelaag niet dichtslibben. Hadden we toevallig ook nog een stukje van liggen ook!

Voor de actieve kool-laag kocht ik kleinere geactiveerde koolkorreltjes van de dierenwinkel. (wordt vaak gebruikt voor het filteren van aquaria.) Een potje is maar een paar euro. Soms lees ik ook dat je houtskool (van echt verbrand hout dan wel) kunt gebruiken als alternatief al is dat iets minder zuiverend. Je kunt ook zelf actieve kool maken van houtskool (zie hier) maar dat klonk me iets te omslachtig allemaal. Deze actieve kool-laag helpt de afgesloten kringloop straks zuiverder te houden, dus redelijk belangrijk.

Tot slot doe ik er zelf nog een klein laagje brekerszand overheen (van de bouwmarkt) Ik gebruik dat zelf altijd in m'n kippenhok als bedekkingslaag dus ook dat had ik nog staan. 

Vervolgens gaat er een laag grondmix bovenop, de laag waar straks de planten in gezet gaan worden. Als basis heb ik een deel potgrond van DCM ecoterra potgrond gebruikt (want ecologisch), met daarin ook een flinke hand veenmos gemixt (Sphagnum). Dit veenmos kan heel veel water in zich opnemen (en dus ook weer afgeven) wat fijn is voor plantjes in een gesloten ecosysteem. Dat veenmos had m'n man nog liggen maar kun je ook gewoon kopen. In Nederland mag je het niet uit het wild halen. Je kunt anders ook nog altijd een handje kokospeat toevoegen. Dat heb ik nu niet gedaan.

De lagen hebben nu zo ongeveer 1/3 deel van de pot ingenomen, een iets dikkere laag aarde t.o.v. de grindlaag.

Het leukste deel van deze hele flessentuin zijn natuurlijk de plantjes! Die had ik uiteraard niet in huis en niet álle plantjes zijn hiervoor ook zomaar geschikt. Het meest succesvol zijn plantjes die van nature van een beetje warme en vochtige omstandigheden houden. En ook fijn, dat ze niet héél snel groeien. Zelf ging ik voor een grote favoriet, het mozaiekplantje (Fittonia verschaffeltii) die heb je in verschillende kleuren. Ook de pannenkoekplant (peperomia argyreia) leek me leuk. De graslelie (Chlorophytum comosum) groeit bij nader inzien wel erg snel en heb ik uiteindelijk toch maar niet gebruikt.

Ik ben daarvoor trouwens niet naar een tuincentrum gegaan maar vond iemand die kleine stekjes verkocht op marktplaats. Ideaal want zo is het goedkoper en je hebt sowieso maar kleine plantjes nodig anders krijg je ze niet door de flessenhals heen. Heb ze eerst aan laten slaan in kleine potjes aarde en na een paar weken overgezet in de fles. Maar zo bij elkaar zag het er nog maar karig uit.

Omdat de jongen van SerpaDesign zo weg is van de kruipende eikenbladficus (Ficus quencifolia) kwam ik bij m'n zoektocht daarnaar uit op de site van dutch-rana, een website voor allerlei tropische terraria benodigdheden. Daar viel ik ook voor de kleine zuidzeepalm (biophytum sensitivum) en de bromelia (crypthantus bivittatus-red star).

Met 5 verschillende plantjes leek de flessentuin me wel compleet. In het begin is het natuurlijk wat leeg maar als de planten gaan groeien wordt het vanzelf voller. Het leuke is juist als je dat in de loop van de tijd ziet gebeuren.

Ik heb nog gedacht aan wat 'landscaping', het toevoegen van takjes, stenen of kristallen. Er zijn ook mensen die er kleine ornamentjes tussen zetten. Maar eerlijk gezegd liet de opening van de hals en de vorm van de fles niet veel bewegingsvrijheid toe. Ik was al blij dat ik de plantjes er met enig fatsoen in kreeg. Veel gefriemel met lange stokjes. Een iets wijdere hals zou in deze wel wat werkzamer zijn geweest. Heb het hierbij gelaten.

Als finishing touch gingen er ook wat springstaartjes (Collembola) bij. Een soort primitieve oer-insectjes. Die dragen bij aan de kringloop doordat ze schimmels en afvalresten eten. En door die rare hobby van m'n man hebben we die óók gewoon in huis. (of nou ja, in het schuurtje dan.) Alternatief zouden er ook pissenbedden of compostwormen in kunnen, maar heb het voor nu bij de springstaartjes gehouden. Die kun je trouwens gewoon kopen in sommige speciaal-dierenwinkels. Je ziet ze overigens niet verder, vallen helemaal weg tegen de donkere ondergrond.

Als allerlaatste bestelde ik nog een kurken dop waarvan mijn maat natuurlijk net uitverkocht was. Maar dat was het uiteindelijk dan. De flessentuin, máánden na aanvang, eindelijk helemaal af. Voor de dop erop ging heeft de fles soms nog even open gestaan. De inhoud moet niet te droog, maar ook niet té nat zijn op het moment dat je 'm afsluit. Een beetje condens in de ochtend is normaal en de bedoeling, maar het moet ook weer niet de hele dag beslagen zijn.
Ook mag de fles niet in de volle zon komen te staan, het glas werkt als een broeikas en daar kunnen de plantjes niet tegen. Af en toe draaien voor een evenwichtige groei is wel aan te raden.

Alles opgesomd is bovenstaande illustratie een goede samenvatting van het geheel. Maar google zeker ook op flessentuin en/of bottle garden als je meer verhalen hierover zoekt.

Ik herinnerde me later nog een plaatje uit m'n VWO-biologieboek van de middelbare school. Vraag me niet waarom maar 25 jaar na dato heb ik dat boek nog steeds niet weggedaan. Het experiment van Priestley stond daarin geïllustreerd. Op internet staat dat experiment wat anders beschreven (met brandende kaarsen erbij) want zoals bovenstaande gedeeltelijk suggereert (namelijk dat een plant alleen onder een stolp niet overleeft) daar klopt natuurlijk niets van. Overruled door het experiment van eerder genoemde David Latimer!! Dat van dat muisje, dat klopt dan helaas weer wel.
Grappig genoeg ontdekten ze pas 250 jaar geleden dat onze lucht feitelijk schoon bleef door het ons omringende groen. Met die kennis kun je dus eigenlijk beter een boom planten dan een flessentuin opzetten, maar gelukkig heeft deze flessentuin er in ieder geval wel alvast voor gezorgd dat er in huis inmiddels heel wat verschillende stekjes staan (van graslelie, eikenbladficus en meerdere kleuren mozaiekplantjes) en dat er een speciaal plantentafeltje is gekomen waar óók nog een plekje voor een calathea vrij was. Zo heel langzaamaan worden ook m'n vingers binnenshuis groener!

zondag 7 mei 2017

M: Ontroesten van gereedschap, als het te erg is geworden...


schop 1



Tja, dat krijg je ervan...

Mijn opbergkast op de moestuin had een lek in het dak. Het plastic waarmee ik het plankendakje waterdicht probeerde te houden was door de storm, door de tijd of anderszins los geraakt en daardoor had de regen de afgelopen winter redelijk vrij spel. En het resultaat laat zich raden...
Het blogbericht van Chantal over het onderhouden van gereedschap kwam dus als geroepen! Zie voor link hier.
Ja, gereedschap verzorgen, dat was wel nodig.
Alleen waren mijn schoppen en schoffels aan een (nog) rigoureuzer beurt toe.

Na het zoeken op internet kwam ik deze methode tegen, makkelijk ook nog, voornamelijk wachten.
Dus dat werd een experimentje, genoeg geroest gereedschap in voorraad! En ja, het werkt!


schop 1



Dus voor al diegene die wel eens een lekkend schuurtje hebben of de schop vergeten zijn binnen te zetten, of op marktjes een verroest stuk gereedschap tegenkomen (mijn zoon bv...) hier een makkelijke, luie schoonmaakactie.
Om te ontroesten. Het invetten, de stelen schoonmaken/schuren, invetten en vijlen komt daarna, zie het blog van Chantal maar dat is zo gebeurd en het knapt er zo mooi van op ook nog!

Nodig:
- geroest gereedschap
- wc papier/keukenpapier
- schoonmaakazijn (in spuitbus)
- plastic zak waar je gereedschap inpast
- tijd, afh. van de graad van roest: 1 tot meerdere dagen
- sopje en schuursponsje voor daarna

stap 1:
pak je gereedschap in in enkele lagen wc papier en leg het in een plastic zak



Stap 2:
pak je spuit met schoonmaakazijn (dit is van een hoger percentage dan gewone azijn en werkt dus sneller...) en spuit al het papier dat je om het gereedschap hebt gewikkeld, goed nat. Als je dit doet als je gereedschap in de plastic zak zit, heb je geen last van de nevel en komt de schoonmaakazijn alleen daar waar je het wil, en niet op de omgeving.



stap 3:
zorg dat het natte papier je gereedschap overal goed raakt. Alleen daar werkt het... Wrijf het goed glad, doe dit over het plastic, dan heb je nergens last van. Knoop de plastic zak dicht met zo min mogelijk lucht erin. Houten stelen vinden de azijn minder leuk, dus probeer dat niet te raken.




stap 4:
Zet je gereedschap weg, 1 dag of langer. Deze schoppen hebben 3 dagen gewacht voordat ik er de tijd voor had om naar te kijken. Dat was geen probleem. Leg er alleen een extra plastic zak onder voor de zekerheid.





 stap 5:
Maak de zak open, veeg het papier weg, verwen je gereedschap met een sopje, kijk of je nog even een staalsponsje gebruikt (doe ik wel voor de losse roest nog)



klein stukje links met staalsponsje, rest nog niet


stap 6: tadaa!
Niet compleet roestvrij maar wat een verbetering!!
laten drogen, invetten en de steel onder handen nemen.
En bijna het leukste... een scherp randje eraan vijlen!


schop 1


Deze mag voor ronde 2... Die was er het ergste aan toe! Maar komt goed.

schop 2




En dit is waar de roest is gebleven!!





zondag 26 februari 2017

C: Kippenvoer fermenteren.


Het is een tijdje geleden dat ik iets over m'n kippetjes heb geschreven, Popo en Fops. Ze lopen hier nog steeds vrolijk in de rondte, blij dat de dagen weer wat gaan lengen. Inmiddels worden ze deze zomer al 4 jaar oud. Op zich nog niet zo heel oud, maar toch is de eierproductie hier gemiddeld al een poosje dramatisch afgenomen. Vooral Popo, toch in het begin mijn superkip qua eitjes leggen, heeft na 19 oktober 2015 geen één eitje meer gelegd. Niks....Nada. Dat is dus heel vorig jaar niet, toen ze 3 jaar werd.
Ik heb me het hoofd gebroken wat de oorzaak kan zijn, bang dat ze misschien onzichtbaar ziekig was maar als dat zo is dan heeft zich dat nog steeds niet geopenbaard. Het is een raadsel.
Fops heeft afgelopen jaar nog wel eitjes gelegd, en ook redelijk consequent, maar wel op z'n Fops. Dat wil zeggen, een kort eierseizoen, ze begint laat en houdt ook vroeg weer op.
Nee, qua eitjes worden we niet heel erg verwend, maar qua gezelligheid des te meer. Het zijn zulke lieve en makkelijke kippen. Dus we hebben ons er inmiddels maar bij neergelegd dat het geen actieve legkippen zijn en genieten van ze zoals ze zijn, biologische stadskippen met pensioen.

Toch blijf ik het gek vinden, van die eitjes. En m'n boerenverstand kan er niets anders op verzinnen dan er maar gewoon voor te zorgen dat ze zo gezond mogelijk zijn. Dat is altijd goed, nietwaar? Vandaar dat ik me weer eens ben gaan verdiepen in het fermenteren van kippenvoer. Vanwege de vitamines, probiotica en de makkelijke vertering. Het geeft de inwendige gezondheid een kleine boost. Ik heb het zelf al eerder een poosje gedaan toen de kippen nog in de groei waren maar ben gestopt zodra ze gingen leggen. Misschien is het nu weer eens tijd om te zien of het verschil uitmaakt. Dat zou wat zijn!

Zelf krijgen de kippen hier altijd biologisch kippenvoer, soms van Van Gorp en soms van Bio-Ron. Voor het fermenteren koos ik nu voor de pluimvee-mix van Bio-Ron omdat dat hele granen zijn, zo onbewerkt en zo puur mogelijk en nog vol groeikracht. Om een of andere reden heb ik het idee dat dat beter is, hoewel het fermenteren ook met pelletkorrels kan en word gedaan.

Het proces is eigenlijk heel makkelijk. Je hebt alleen een glazen pot*, schoon water en voer nodig.. en een beetje geduld. (*Een plastic of stenen pot kan ook, alleen nooit metaal.)

-Je begint met een schone gesteriliseerde pot. (Met mijn 2 kippen heb ik aan volume genoeg aan een grote pindakaaspot.) En vult dat voor ongeveer 1/3 met droog kippenvoer.
-Vervolgens giet je daar schoon water overheen. Hoewel er hier in Brabant lekker zacht schoon water uit de kraan komt kook ik het zelf altijd eerst een keertje op en laat dat afkoelen. Zorg dat het voer ruim voldoende onder water staat want het voer gaat nog zwellen en moet ook dan te allen tijde onder water blijven. De plastic deksel ligt er maar losjes op, niet helemaal dichtgedraaid.
-Laat het een paar dagen bij kamertemperatuur staan zodat het fermentatieproces op gang kan komen. Roer het dagelijks even door.

Dat is alles. Er hoeft dus verder niets bij. Het fermenteren komt vanzelf op gang door de wilde gisten die overal aanwezig zijn. In de lucht, op het voer, overal. Je herkent het proces aan de belletjes die na verloop van tijd op de oppervlakte verschijnen en de zurige lucht. Afhankelijk van het seizoen en de temperatuur is het voer dan na zo ongeveer 3-5 dagen klaar om aan de kippen te geven.

Droog versus nat gefermenteerd voer.
Schep dan een paar lepels uit de pot in een bakje voor de kippen. Hoeveel voer je nodig hebt merk je snel genoeg. Zoveel dat het op het einde van de dag op is. Ik heb zelf ongeveer 5 à 6 eetlepels per dag.
Haal niet ál het voer en vocht uit de pot maar zorg dat er een flink restje achterblijft. Vul dat weer aan met nieuw droog voer en wat schoon (gekookt/afgekoeld) water en roer het goed door. De volgende dag kun je daar weer het voer voor de kippen uithalen en met nieuw voer/water weer aanvullen zodat alles ruim onder staat.. enz. enz.

Ik blijf zelf zo trouwens niet eindeloos doorgaan met bijvullen. Na ongeveer anderhalve week zet ik een nieuwe pot op waar ik na een halve week op overga. Dit om ervoor te zorgen dat mogelijke slechte bacteriën niet de overhand kunnen krijgen. Vertrouw sowieso altijd op je neus, ruik aan het mengsel. Zolang het zurig ruikt kun je het met een gerust hart aan de kippen geven. Zodra het wat schimmelig of anderszins bedorven ruikt meteen weggooien en opnieuw beginnen.

De kippetjes zijn er hier dol op. In eerste instantie eten ze eerst de lekkerste granen eruit, maar op het eind van de dag is het hele schoteltje toch leeg.

Overigens heb ik hiernaast ook nog steeds een bakje met droge biologische legkorrels in de ren hangen voor de dagen dat ik 's ochtends soms vergeet ze meteen eten te geven. En ook nog vers groenvoer, water, kippengrit en wat levende meelwormpjes om de variatie erin te houden.
Nu ben ik dit keer nog niet zo heel lang bezig met dit gefermenteerde voer, ongeveer 3 weken dus wellicht is het nog te vroeg om conclusies te trekken, maar we hebben alvast sindsdien geen slappig drolletje meer gehad. Dat is al iets.
Ik hou jullie op de hoogte, en reken maar dat ik het wereldkundig maak als Popo tóch weer besluit om een eitje te gaan leggen!!

dinsdag 14 februari 2017

C: Gereedschap gereed!

Voor iemand die zoveel in de moestuin werkt ga ik opvallend nalatig met m'n tuingereedschap om, realiseerde ik me opeens. Ik zie ze voornamelijk als gebruiksvoorwerpen die gebruikt worden, niet verzorgd. Dus zo gebeurt het steeds weer dat ze na gedane arbeid vies en vuil in het schuurtje belanden tot ik ze weer nodig heb, zonder daar verder ook maar eventjes bij stil te staan. De focus ligt vooral op het stukje grond dat ik ermee bewerkt heb, of de struik die ermee is opgegraven... en hoe mooi dat er nu bij ligt. Niet op het gereedschap zelf uiteraard, want dat is vanzelfsprekend, daar zijn ze immers voor gemaakt.

Waarom ik het nu opeens anders ging zien weet ik niet precies. Voortschrijdend inzicht wellicht, of een plotselinge inval van wijsheid die ik eigenlijk al steeds in me had maar nooit aan het licht liet komen.  Hoe vaak hoor je wel niet zeggen dat goed werk begint bij goed gereedschap. In m'n eigen atelier of in de werkplaats is dat al lang doorgedrongen, alles zoveel mogelijk schoon en geordend. Waarom op de moestuin dan niet?
In een flits zag ik buurman Frits in m'n herinnering terug, hoe hij vroeger met een zeis het gras maaide en een slijpsteentje in z'n overal had zitten waar hij met regelmaat z'n zeis een scherp glimmend randje mee gaf. Of hoe een andere buurman alles aan haakjes geordend aan de muur had hangen. Vervolgens keek ik naar m'n eigen aangekoekte gereedschap dat als een rommeltje in een hoekje van m'n tuinhuisje lag..  Hier klopt iets niet Chantal! Dit kan beter, respectvoller en duurzamer.
 
Dus zo begon een goed voornemen. Ik verzamelde al het tuingereedschap bij elkaar, nam het mee naar huis en begon het schoon te borstelen. Al het aangeklonterde zand eraf waaronder hier en daar al roest en splinters aan het ontwikkelen waren. Vervolgens met een sopje van groene zeep en een ruw sponsje alles schoongemaakt. Het metaal én de houten stelen. Jeetje zeg, daar knapten ze al een heel stuk van op. En zo op een rijtje naast elkaar te drogen in het zwakke winterzonnetje voelde ik me opeens een beetje schuldig. Gereedschap in de tuin is zo onmisbaar, ze verlichten het werk enorm en zoals ze nu als soldaatjes helemaal opgepoetst stonden te blinken bracht dat besef helemaal naar voren dat ik niet echt aardig voor ze was geweest al die tijd.

Nadat ze een paar dagen hadden staan drogen onder het afdak begon ik aan de volgende stap. De houten stelen werden licht opgeschuurd met schuurpapier om ze weer mooi glad en splintervrij te krijgen, de metalen delen met een staalborstel zoveel mogelijk roestvrij gemaakt en alle randjes met een vijl weer scherp gemaakt. Over dat vijlen trouwens, daar zijn op internet verschillende video's over die wel handig zijn om eerst te bekijken. Dit is een willekeurige.
Kort gezegd moet je opletten dat je consequent in de juiste hoek zit en dat je met je vijl niet op en neer gaat maar steeds maar vanuit een kant vijlt.
Vervolgens smeerde ik alle houten stelen ruim in met gekookte lijnolie (geen rauwe lijnolie want die is niet drogend.) waarna ze na een kwartiertje met een schone doek werden uitgewreven. In het begin voelt het nog steeds vettig aan maar na verloop van tijd is dat ingetrokken en zijn de houten stelen beschermd.
Alle metalen delen spoot ik in met een dun laagje WD 40 om ze te beschermen.

En zo stond alles weer schoon, scherp en ingevet klaar voor het nieuwe seizoen. Dat voelt toch wel een stukje beter. Het enige waar ik nu nog voor moet zorgen is een manier om ze in de moestuin op te hangen, zodat ze niet op hun scherpe randjes hoeven te rusten. En dat er een ruwe borstel en doek bij ligt om ze steeds schoon en droog weg te kunnen hangen.

Een paar dagen later ook alle snoeischaren die ik had verzameld, zowel van thuis als van de moestuin. Sommige zagen er zo aftands uit en schaarden zo stroef dat ze haast opgegeven leken.
Had ik dat even mis!
Eerst gingen ze weer in een sopje met een schuursponsje, flink over de bladen heen om ze zo schoon mogelijk te boenen.
Vervolgens ook hier met de vijl erover om ze weer scherp te maken. (Aan snoeischaren kun je goed zien aan welke kant van het blad je moet vijlen want daar zit al een schuin kantje, doe het ook alleen maar dáár want anders ontstaat er ruimte tussen de bladen bij het scharen en dat is niet de bedoeling.) Daarna legde ik ze weer even in een laagje water waar een heel klein beetje chloor in zat om ze te ontsmetten en liet ze na afspoelen drogen op de verwarming.
Tot slot ook hier een dun laagje WD 40 eroverheen waardoor alles weer soepeltjes bewoog en ze haast weer als nieuw leken.
Als ik eerder had geweten dat het allemaal zo makkelijk was om te doen dan was ik veel eerder in actie gekomen. Nu is het alleen nog een kwestie van bijhouden en de tijd nemen om ook na het werken in de tuin niet meteen het poortje te sluiten om naar huis te gaan, maar om te zorgen dat al het gebruikte gereedschap weer schoon en droog opgeborgen ligt, klaar voor het volgende bezoek.

woensdag 13 juli 2016

C: Doe het zelf: Knoflook roken, deel 3


Deel 1: De oogst (link)
Deel 2: De voorbereidingen en benodigdheden (link)
Deel 3: Het rookproces

Het rookproces:

Na alle voorbereidingen is het nu zover dat de rookkast in gebruik genomen gaat worden. Voor de duidelijkheid (voor degenen die de eerste delen niet gelezen hebben) het gaat hier om koud roken met behulp van een 'cold smoke generator' en rookmot-fijn zaagsel in een zelfgebouwde tijdelijke rookkast van karton. Op zich is de combinatie van iets smeulends en karton natuurlijk niet verstandig en hoewel deze manier van koud roken relatief ongevaarlijk is hou ik toch een paar voorzorgsmaatregelen qua veiligheid bij de hand. Allereerst ligt de tuinslang binnen handbereik voor het geval er onverhoopt iets mis gaat en ben ik de hele dag in de buurt om een oogje in het zeil te houden.

 

Ook staat het metalen bakje met daarin het rookmot niet op de kartonnen bodem zelf, uiteraard. Dat zou wel heel dom zijn. Een stoeptegel zorgt voor een veiliger ondergrond. Het zorgt meteen ook voor een verankering zodat de doos niet door de wind meegenomen kan worden. Ook niet onbelangrijk!


Om het bakje via de onderkant ook nog wat lucht te geven heb ik vier hoekprofieltjes op de stoeptegel gelegd zodat er daar wat ruimte ontstaat. Dat lijkt me voor het smeulen wel bevorderlijker. Beneden in het karton, zo ongeveer op de hoogte van het bakje is nog een vingerdik gat gemaakt voor luchttoevoer ter plekke.


Evenals drie kleinere gaatjes aan de overliggende zijde aan de bovenkant. Dit moet voor de trek zorgen zodat de rook overal komt. De rest van alle kieren en spleten wordt later nog afgeplakt met cellotape.

Als rookmot heb ik een combinatie van appel, kers, populier en eik gebruikt, die zaten bij elkaar in het aktiepakket dus waarom dan ook niet allemaal gebruiken? Aansteken deed ik (buiten de doos!) met een klein gasbrandertje. Dan is het vrijwel meteen aan. (Zet de gasbrander dan wel heel laag anders waait alle zaagsel weg.) Nou komt er hierbij niet ontzettend veel rook vrij, dus geen dikke wolken en een hoop uche uche.  Ik heb op foto's wel gezien dat ze zo'n bakje zaagsel aan beide uiteinden aanstaken zodat het gelijkmatig naar elkaar toe afsmeult. Dan heb je meer rook, en het gaat sneller. Maar ik vraag me af of meer ook altijd beter is. Bepaalt de dikte van de rook de smaak, of het aantal uren dat iets in de rook staat. Wie het weet mag het zeggen. Ik ging gevoelsmatig voor de langzame optie en stak maar aan één kant aan.


Na zo'n 6 uur heb ik de afgeplakte doos weer eens open gemaakt om het schoteltje zout wat voor de gelegenheid ook meeging eens door te roeren. Je ziet dat de rook echt wel aanwezig is en al een bruinige aanslag achterlaat.

Het zaagsel was toen pas voor 2/5 opgebrand. Dat zou betekenen dat dit bakje, met deze hoeveelheid vulling, ongeveer 15 uur aan een stuk kan roken. Wow! Grappig om te zien trouwens dat het inderdaad mooi de rijen volgt, en het bakje voelde opmerkelijk genoeg ook helemaal niet zo warm.

De sensor die ik er in had hangen gaf aan dat het niet warmer werd dan 37 graden. En dat was rond de tijd dat de zon vol op het afdak scheen waar de rookkast (voor het geval het zou gaan regenen, je weet maar nooit) onder stond. Goed teken.

Heb de rookkast helemaal uit laten roken tot de volgende ochtend. Toen weer opengemaakt. Het grappige van die rookaanslag, die zat alleen op de bovenkant van de knofloken, niet aan de onderkant. En die aanslag proeft een klein beetje bitter.

Hier gaan ze daarom nóg een keertje de rookkast in (met een nieuw schoteltje zout erbij) en ditmaal een keertje omgedraaid.

Links het gerookte zout en rechts de nieuwe verse lading. Je ziet duidelijk kleurverschil.

Hoe lang je knoflook trouwens moet roken, daar heb ik nooit 'n eenduidig antwoord op kunnen vinden. Het gaat van minimaal 3-5 uur, tot maximaal zelfs een wéék bij de profs in Frankrijk! Ik vermoed dat het afhankelijk is van de sterkte rooksmaak die je wil. Ik heb zelf eigenlijk alleen maar één referentie, en dat is de gerookte knoflook die ik normaal altijd kocht op de jaarlijkse tuinbeurs (bloem & tuin, in Nuenen.)

Kijk maar naar een illustratie uit 2012. (Toen was ons kleinste hondje trouwens nog een puppy en ging mee in de rugzak, schattig hè?) Die knofloken op de markt zagen er altijd veel donkerder uit, dus ik vermoed dat ze dan ook meer en langer rook hebben gehad. Misschien ook wel een week? Dat wordt me iets te gortig, maar een extra ronde of twee kan er zeker nog wel vanaf.


Laatste tips:

Ik ben uiteraard zelf nog geen doorgerookte kenner op dit gebied, maar toch een paar tips.

-Ga je knoflook koud roken, verwijder dan een paar van de buitenste hele velletjes zodat de rook goed bij de teentjes kan. Bij mijn knofloken was het dit jaar niet nodig, zoals je in het eerste deel hebt kunnen lezen. Het is zonde om al die moeite te doen voor gerookte knoflookschil, ipv de teentjes, toch?

-De rookkast gaf niet echt heel erg geuroverlast (zoals soms bij een BBQ) maar toch krijg je wel een rookluchtje hangen, doe het niet binnen. Sowieso voor de veiligheid al niet. 

-Rook je iets anders, zoals kaas en boter wat na het roken weer terug in de koelkast gaat, wikkel het dan goed in plastic. Voor je het weet ruikt heel je koelkast naar rook.

-Eet niet meteen je gerookte waar op. De rooksmaak moet nog zeker een week ontwikkelen. Eet je het toch te snel dan proeft het voornamelijk bitter en vies (zo heb ik gehoord.) Pas na een tijdje komt kennelijk de lekkere rooksmaak pas. Geduld geduld!