Ik maakte er heerlijke notenkoekjes van, glutenvrij ook nog! Het recept daarvoor vind je ook hieronder.
En trouwens, voor wie niet de tijd en moeite (of de kastanjes) heeft om zelf meel te maken, het is ook gewoon te koop, dat kastanjemeel. In natuurvoedingswinkels bijvoorbeeld.
Kastanjemeel maken:
Allereerst moet je de kastanjes roosteren. Daarover heb ik al eens uitgebreid geschreven dus gemakshalve verwijs ik je voor dat deel even naar die post terug. (Klik hier. Halverwege het verhaal kun je de uitleg vinden over het roosteren van tamme kastanjes.)
Ik neem niet eindeloos de moeite om alle binnenste velletjes helemaal weg te peuteren. Dan zou het al helemáál monnikenwerk worden. Bij de ene gaat het soms makkelijker dan bij de andere, maar over het algemeen zijn de kastanjes hier vrij lastig helemaal schoon te krijgen. Dus, dan maar met velletjes. Maar wel zonder schil natuurlijk, want die zijn kei-hard na het roosteren.
Ook breek ik ze hier doormidden of verkruimel ze een beetje. Maar dat is meer om te zien of er geen nare beestjes inzitten. (Vooral als kastanjes niet vers geraapt zijn is de kans daarop groter.)
En vervolgens maal ik ze in de keukenmachine zo fijn mogelijk. Het blijft altijd wel een beetje te grootte van broodkruimels. In het kader van meten=weten heb ik ze eens gewogen. Ongeveer 450 gram was het bij elkaar.
Daarna is het belangrijk om de fijne kruimels te drogen. Dat kan door het op een ovenplaat de spreiden (met de oven op de laagste stand en met de klep op een kiertje voor een aantal uur.) Of desnoods boven een warme verwarming voor een dag. Ik heb hier een dehydrator, dus dat is helemaal gemakkelijk.
Vanwege de ventilator in de dehydrator leg ik er een extra matje op, zodat het netjes blijft liggen. En zo droogt het een nacht op 30 graden C.
Als de kruimels droog zijn kun je ze nóg een keer in de keukenmachine malen voor een nog fijnere structuur. Of desnoods in een vijzel. Al krijg je het nooit zo fijn als traditioneel meel, de structuur zal altijd wat grover zijn. Of je moet een echte meelmaler bezitten natuurlijk. Koffiemolentjes zijn meestal wel beter in het fijner malen van dingen dan keukenmachines, maar die van mij is onlangs doorgedraaid (letterlijk.)
Maar ook wat grover is het prima om te verwerken in gerechten. Het grote voordeel is dat het glutenvrij is en een enigszins nootachtige smaak heeft. De meeste recepten die ik ken gaan echter nooit alleen maar uit van kastanjemeel, het is altijd een combinatie met andere meelsoorten. Ik heb ooit gelezen dat het tot ongeveer 25 tot 30 % van een recept kan uitmaken.
Na het drogen had ik trouwens nog maar 135 gram aan gewicht over. Wat de relatie tussen arbeid en eindproduct gaandeweg dus niet gunstiger maakt.
Recept notenkoekjes, met kastanjemeel: (glutenvrij & lactosevrij)
Sinds ik glutenvrij moet eten is m'n eetgedrag behoorlijk veranderd. Geen brood meer, dat is de meest ingrijpende aderlating geweest, al moet ik zeggen dat ik het inmiddels niet meer mis. Voor andere deegwaren zoals pizzabodems of pannenkoeken zijn er alternatieven in de vorm van bijvoorbeeld boekweitmeel. Gebakjes en zoete hapjes zijn getransformeerd in andere heerlijke en bovenal gezondere varianten. En ook koekjes hoef ik niet te laten staan. Al moet ik ze wel vaak eerst zelf bakken!
Voor dit notenkoekje heb ik me laten inspireren door de notenkoeken van Bakker Meelmuts. Dé bakker van Eindhoven. Hij staat o.a. op de biologische markt waar ik vaak m'n boodschappen doe. Zijn notenkoeken vonden jarenlang gretig aftrek hier, zoo lekker, maar inmiddels koop ik er alleen af en toe nog maar eentje (voor m'n man, terwijl ik weemoedig toekijk.)
Zo zien ze eruit (na een paar kilometer fietsen onderin de boodschappentas.. haha)
Dit is overigens geen poging om ze te evenaren, dat is onmogelijk. Maar een lekker notig koekje, glutenvrij én lactosevrij is al welkom genoeg!
En uitgangspunt was de 135 gram eigengemaakte kastanjemeel.
Recept:
-135 gram kastanjemeel
-135 gram amandelmeel (Als je zelf amandelmelk maakt kun je hiervoor ook de pulp gebruiken die je daarvan overhoudt. Wel gedroogd uiteraard.) Klik hier voor de link naar het zelf maken van amandelmelk.
-135 gram boekweitmeel
-135 gram gehakselde noten (Ik had nu pecannoten, hazelnoten, cashewnoten en amandelen, gedeeltelijk fijn én grof gemalen) Als je ze eerst lichtbruin roostert in een droge pan wordt de smaak nog intenser. (Stukjes beetgaar gekookte kastanjes zouden overigens ook niet misstaan hier.)
(Zoals je ziet zijn het allemaal gelijke delen, als je zelf van andere hoeveelheden uitgaat kun je het makkelijk aanpassen.)
-ongeveer 1 pakje bakpoeder (21 gram)
-flinke theelepel zout (naar smaak)
-3 eetlepels basterdsuiker (of andere zoetmiddelen.) (naar smaak)
-eventueel wat kaneel, of koekkruiden (naar smaak)
Smaakstoffen zoals zout en suiker staan niet vast maar kun je naar eigen inzicht toevoegen. Ik ben bijvoorbeeld inmiddels redelijk van suiker afgekickt en heb er minder behoefte aan, maar misschien vind jij het zoeter lekkerder. Je kunt altijd van het deeg proeven voor het de oven ingaat en naar smaak meer toevoegen.
-handje rozijnen. (ach, die waren bij mij net op.. jammer. Met rozijnen of cranberry's of stukjes dadel worden ze net een graadje lekkerder, want plaatselijk zoeter en minder droog, en dus ook minder saai.)
-5 eetlepels gesmolten kokosolie (als alternatief voor boter)
-amandelmelk (Genoeg om het kneedbaar te krijgen, in mijn geval was het nu 100 ml.)
Rol er balletjes van die je vervolgens een beetje plat drukt en bak ze in de oven goudbruin. Ongeveer 180 graden voor ongeveer 20-30 minuten, afhankelijk van je oven. Ik draaide ze halverwege een keertje om.
Koud proef je de smaken beter dan warm, dus even het geduld hebben om ze af te laten koelen... en dan vooral aanvallen!!