Pagina's

woensdag 31 oktober 2012

C: Halloween pompoen

Zoals beloofd mijn blogverhaal over de pompoen. Nog net op de nipper want vanavond is het Halloween. (Niet dat ik daar veel waarde aan hecht maar als je dan toch een verhaal schrijft over de pompoen, met name over het inkerven ervan, dan komt het zo wel mooi uit.)
De pompoen staat van oudsher symbool voor het binnenhalen van de oogst, en dát wil ik wel vieren!
Op dit moment staat er nu bij mij zo eentje bij de deur:
Dus niet met enge gezichten erin, als verwijzing naar Halloween. Maar met bloempatronen om de zomer vaarwel te zeggen en te bedanken voor de oogst. Als volgt ben ik te werk gegaan.
Allereerst heb ik een niet eetbare pompoen uitgezocht (anders is het zonde, toch?) Deze kocht ik bij de buren van m'n ouders in het dorp voor 2 euro.
Onderin de pompoen maak ik een gat zo groot dat je hand erin past, zodat je de pitjes en draden kunt verwijderen.
 Met een mirette schraap ik daarna de binnenkant wat dunner en gladder. De dikte van de schil is dan zo'n 1,5 - 2 cm.
Daarna begin ik met decoreren. Daarvoor gebruik ik een chirurgenmesje, een guts en een gatenprikker. (en een beetje inspiratie)
De bloemen maak ik door eerst de ene kant in te kerven en daarna de andere kant. Let wel altijd op dat je niet uitschiet want het mesje is erg scherp en de schil van de pompoen is stug (en door de ribbels soms een beetje grillig.) Het mooie van deze techniek vind ik dat je verschillende dieptes creëert, dat zie je later in het schijnsel terug.
Met de guts snijd ik er gekrulde "draadjes" in. Dit werkt het makkelijkste door de pompoen op je schoot te leggen en mee te draaien terwijl je de guts meer stilhoudt. (Met de guts heb je nog veel sneller de neiging om uit te schieten dan met het chirurgenmesje.) Rustig en bedachtzaam werken dus.
Ten slotte prik ik met een gatenprikker nog gaten door en door. Dit om later meer intense lichtpuntjes te krijgen die een spikkelschijnsel kunnen geven.
Als je je pompoen later met een kaars wil verlichten dan moeten er meer, en grotere gaten in voor de zuurstof en de warmte. Vaak is dan de hele bovenkant open en een stuk van de achterkant.
Ik gebruik geen kaars maar in plaats daarvan kerstverlichting (van led-lampjes) die je er van onderaf instopt. Op die manier kan de bovenkant dichtblijven en hoeven er niet zoveel (grote) gaten in.
 In daglicht ziet het eindresultaat er zo uit.
Maar het ware genieten is natuurlijk 's avonds. Als het buiten donker is en de pompoen 'aan' gaat. Het ziet er meteen heel sfeervol en sprookjesachtig uit. Een mooie manier om de herfst te vieren.

Fijne Halloween allemaal!


dinsdag 30 oktober 2012

C: Bladcompost maken

Nu dat de herfst er is kunnen we er maar beter gebruik van maken. Een van die bruikbare dingen is het maken van bladcompost van de overvloedige afgevallen bladeren die je nu om de oren vliegen. Het is gratis en makkelijk om te doen. Met een uurtje werk nu, heb je in het voorjaar zomaar bladcompost voor niets!
Nu is bladcompost niet erg voedingrijk (het zorgt voor een beetje stikstof in de grond) maar het werkt wél als een grondverbeteraar, een goede mulch of kan gemengd met wat tuinzand als perfecte stekgrond dienen.
Ideaal voor in de border of moestuin.

Welke boombladeren?

Niet alle bladeren zijn even geschikt. Het meest ideale zijn de bladeren die snel composteren, want dan heb je er in het voorjaar al plezier van. Voorbeelden daarvan zijn o.a. Linde, Populier, Appel, Kastanje, Robinia, Wilg, Es en Vlier. Gebruik niet de bladeren van Eik, Beuk of Plataan want die composteren juist heel erg langzaam, 2 jaar. Andere bladeren zitten er een beetje tussenin en kunnen er 1 à 1,5 jaar over doen.

En dan?

Verzamel de bladeren in plastic vuilniszakken. Ze kunnen nat(geregend) of droog zijn. Ik verzamel ze liever als ze droog zijn.
Om het proces van composteren te versnellen voeg je een handje kalk toe. Dat kunnen gekochte kalkkorrels zijn, of fijngemalen eierschalen, of wat lössgrond, wat erg kalkrijk is.
Ook kun je er wat compostmaker bijvoegen. Ik had nog een doosje staan, maar een emmertje bosaarde (inclusief micro-bosleven) werkt in dit geval ook goed, en is goedkoper.
Als je bladeren droog waren moet je er nu wat water opspuiten. Dit zal dan ook meteen de kalk en compostmaker wat uitspoelen en verdelen. Vergeet je vocht toe te voegen dan zal er amper iets gebeuren, belangrijke stap dus. (Als je bladeren al nat waren van de herfstregens dan hoeft er geen extra vocht bij maar is het wel slim om de toevoegingen wat door de bladeren te verdelen.)
Druk de bladeren goed stevig aan en knoop de vuilniszak dicht. Hoe dichter de bladeren op elkaar zitten hoe beter. Prik tot slot nog wat gaatjes in de zak (in de zijkant en een paar in de bodem) en zet ergens in de buitenlucht weg. Het is niet het mooiste gezicht om in je tuin te hebben staan, dus ergens achteraf is een goed idee. Ik leg nog iets zwaars, als een stoeptegel, op de zakken zodat ze goed aangedrukt blijven. En de rest is geduld.

Voordelen?

  • Iets door de grond ingewerkt werkt bladcompost op zandgronden als een soort vochtinbrenger. Het zorgt ervoor dat de grond minder snel uitdroogt. Op kleigronden zorgt het juist voor een betere structuur zodat de grond niet zo snel dichtslaat.
  • Als mulchlaag op de border of moestuin houdt het onkruid tegen en beschermt het de grond tegen uitdroging.
  • Als gebruik voor stekgrond heb ik ooit op de BBC, bij Gardener's World, de Britse tuingoeroe Carol Klein horen zeggen dat ze nooit meer iets anders wilde gebruiken dan een mix van 50:50 tuinzand:bladcompost. Voor een vrouw die in haar leven meer zaadjes in de grond heeft gestopt dan ik ooit zal doen, geloof ik haar meteen! Gekochte stekgrond is bovendien belachelijk duur.
  • Had ik al gezegd dat het gratis, ruim voorhanden én makkelijk was?
Dat maakt de stoep vegen opeens een stuk minder irritant. Ben benieuwd wat jullie ervan vinden!

Update:
Nog een belangrijk onderdeel vergeten op te schrijven.
Het composteren van bladafval gaat een heel stuk sneller als je de bladeren in kleinere stukken versnippert. Dat kun je doen door er bijvoorbeeld met een grasmaaier een aantal keer overheen te maaien, of door een bladblazer te gebruiken met versnipper-functie (die dingen kunnen meer dan alleen maar blazen). Daarvoor kun je ook het filmpje van Mike McGrath tijdens Tedx op YouTube bekijken "Everything you know about composting is wrong" (klik HIER). Het is behoorlijk Amerikaans gebracht, maar wel met een grappige linkje naar Nederlanders halverwege het filmpje, en daarom alleen al de moeite waard.

C: Dahlia's overwinteren, deel 1

Vorige week zagen m'n dahlia's in de tuin er nog prachtig uit. Grote kleurige bloemen, knispervers. Maar na een paar nachten lichte nachtvorst zijn ze tot een snotterige bloem overgegaan. Ook de bladeren hadden een klein tikje gekregen dus het was tijd om ze uit de grond te halen voordat de serieuze vorst haar intrede zou gaan doen. Als volgt ga ik te werk:
Allereerst knip ik de stengels af en wip ze met een riek voorzichtig uit de grond. Je moet uitkijken dat je met de riek niet de knollen beschadigd, dus steek ze een eindje van de stengel in de grond en wrik voorzichtig van meerdere kanten de knol omhoog. Vaak steek ik nog gauw een van de bloemen in de holle stengel zodat ik in één oogopslag kan zien welke bollen bij elkaar horen die her en der uit de voor-en achtertuin tevoorschijn komen.
Als alle knollen uit de grond zijn (en eventueel per soort gegroepeerd) begin ik met schoonmaken en labelen. Voor het schoonmaken pak ik een stoffer en veeg de bollen schoon. Dit moet niet al te hardhandig gebeuren want de afzonderlijke knolletjes hangen bijna letterlijk aan één draadje aan de stengel en breken makkelijk af. Soms moet je met je vinger tussen de knolletjes wat aarde wegpeuteren. Als de grond erg nat is dan plakt het meer aan de knollen vast, veeg dan na een paar dagen nóg een keer over de knollen heen, dan is de aarde droger en gaat het makkelijker.
Ik knip nu ook de stengels korter af, op zo'n 5 - 10 cm lengte. En bevestig de labels. Aan de knol zelf kun je namelijk niet meer zien welke soort het is en na een winter weet je het vaak al helemaal niet meer.
Vervolgens leg ik de knollen een paar dagen tot een week te drogen. Liefst op de kop, dus met de stengel omlaag. Wel op een droge, vorstvrije plek. Bij mij liggen ze buiten onder een afdakje. Gelukkig is voor de komende nachten geen vorst voorspeld, al dek ik ze 's avonds voor de zekerheid wel toe met een dekentje.

En zo liggen ze nu, sinds afgelopen zondagavond.
Over een paar dagen schrijf ik deel 2. Hoe je ze vervolgens voor de winter opslaat.

Wel een hele verandering in de tuin. Opeens is alle kleur weg en ziet het er kaler en saaier uit. Zucht, de winter komt er echt aan! (Mir, ben jij al aan je dahlia's begonnen?)

Klik hier voor deel 2.


zondag 28 oktober 2012

M: kleur uit de moestuin, kleur in de keuken

Nu de nazomer toch wel definitief verdwenen lijkt te zijn, is het tijd om de switch te maken en te gaan genieten van de herfst en de komende winter. Nu heeft elk seizoen zijn mooie dingen. De herfst was de afgelopen weken al prachtig door alle mooie gekleurde bladeren met een blauwe lucht. En straks is de winter ook weer mooi door de ijzige kou, misschien wel met sneeuw en schaatsen...
Voor nu is het in ieder geval tijd om de moestuin winterklaar te maken.

De laatste groentes gaan eruit, ik heb dit jaar niet echt wintergroentes staan, dat wordt een mooi projectje voor in de lange winteravonden, een uitgebalanceerd groenteplan maken. De tuin wordt opgeruimd (wil jij nog bramenplanten Chantal???),  mest eroverheen en dan kan de tuin in winterslaap. De tuin wordt dus steeds kaler en bruiner. Des te leuker dat de laaste groentes zo'n kleurig spektakel gaven in de pan. Een waar feestje!




En dat met een groente die ik zelf eigenlijk niet zo veel gebruikte, maar met dit recept mag hij volgend jaar weer terugkomen, de snijbiet. (ook wel Belgische spinazie of warmoes)

Het recept:
600 gram snijbiet (stengel en bladeren)
300 gram pasta
1 grote ui
2 tenen knoflook
250 ml slagroom  (oei, maar wel heel lekker)
olijfolie
peper
zout
stuk kaas om te raspen

Zet een pan water op voor de pasta. Was de snijbiet. Snijd de stelen van de snijbiet in kleine stukjes van 1 cm en bewaar het apart. Snijd het blad grof en bewaar het apart. Verwarm een pan met dikke bodem. Doe er een scheutje olijfolie in en bak de ui tot het glazig is. Voeg nu de knoflook toe. Doe de pasta in de pan met kokend water. Voeg de snijbiet stelen toe en bak het 3 minuten mee (bij de ui en knoflook). Voeg nu het blad toe en bak het nog en minuut of 5 tot het zacht is. Zet het vuur hoog en giet de slagroom erdoor. Warm het geheel nog even goed door. Breng op smaak met peper en zout. Schep het snijbietmengsel door de afeggoten pasta. Roer goed en schep het op de borden. Rasp de kaas erover en.... eet smakelijk!

Heerlijk!
Ik ga op zoek naar nog meer heerlijke recepten voor snijbiet, je kan het ook goed invriezen, dus zodra de vriezer weer iets ruimte heeft, gaat er een voorraadje in. Snijbietstukjes 3 minuten blancheren in kokend water en dan meteen afkoelen. Of de grote bladeren wassen, goed uit laten lekken, op elkaar leggen en in een zak invriezen, voordat het ondooit in de zak verkruimelen. Lijkt me nog makkelijker. Zolang je het hart niet oogst, kun je er lang van oogsten, ook een voordeel.

Te merken hoe blij ik werd van zo veel kleur in de keuken, zeker nu het buiten kaler begint te worden, stimuleert me om buiten de lekkere smaken van het gerecht ook meer te letten op de kleur(combinaties). Zeker als het ook nog eens uit je eigen tuin komt. Lekkerder kan het dan niet worden!

En na de Pakistaanse kookles (die ik mocht invallen voor mijn zieke zwager, beterschap!!) is het koken weer iets leuker geworden. Hoe je van gewone basisingredienten iets heel lekkers kunt maken. Het is net toveren... Bedankt voor je telefoontje Chantal! Al vonden ze hier thuis net de andere dingen lekker dan ik. De kok bepaalt toch voornamelijk...



C: Douche-damper

Het leuke van internet is dat je vrij makkelijk kunt onderzoeken wat er in andere delen van de wereld allemaal gebeurt. Ik surf graag op het net. In plaats van televisie "kijk" ik liever internet en zap van de ene naar de andere site. En zo kom je dus vaak dingen tegen die je zelf niet kent maar wel zou willen leren kennen. Een van die dingen was voor mij, zoals ik maar even vrij heb vertaald, de "douche-damper". In Amerika een badproduct wat zoiets als "shower discs" heet. Kennelijk werd het gemaakt door Vicks maar is het inmiddels wegens gebrek aan belangstelling weer uit de handel gehaald. Een grote teleurstelling, zo blijkt, voor veel mensen met een soort van (chronische) neusverstopping. (Iets waar ik zelf met een zware huisstof-allergie regelmatig last van heb). Gelukkig is er iemand zo slim geweest om een huisgemaakte versie te ontwikkelen, en zo vrijgevig om dat recept met de wereld te delen. Een ontdekking die ik graag weer verder doorgeef.

Wat is een douche-damper?

Een douche-damper is een klein schijfje wat je op de vloer neerlegt terwijl je een warme douche neemt. Door de warmte en het water komen er dampen vrij die je luchtwegen helpen openen. Een mini-Turks stoombadje, zeg maar. Erg fijn bij verkoudheden. Het schijfje lost langzaam op. Afhankelijk van de grootte van zo'n schijfje en de duur van een douchebeurt doe je er 1 à 2 x mee.

Doe-het-zelf recept:

Je hebt nodig:
Zuiveringszout (natriumbicarbonaat, baking soda. zie ook hier), water, een grote mengkom, papieren cupcake vormpjes, eventueel een cupcake-bakblik, een oven, luchtdicht afsluitende bewaardoosjes, etherische olie.
Weeg de volgende hoeveelheden af voor ongeveer 6 douche-dampers.
300 gr. zuiveringszout
100 ml. water
Meng ze in een grote kom bij elkaar. Het zal nooit echt een consistent mengsel zijn. Het zuiveringszout is zwaarder en zakt wat naar beneden. Als je teveel water gebruikt merk je dit duidelijk. Het moet een soort "zanderig" geheel zijn. Van het soort waar je ook zandkastelen mee bouwt op het strand.
Verdeel het mengsel over de papieren cupcake vormpjes. Vul ze niet helemaal tot boven want in de oven zullen ze nog iets omhoog komen. En bak ze voor ongeveer 20-25 minuten in een voorverwarmde oven van 150 graden C. (Of zo lang dat je met je vinger duidelijk voelt dat ze steviger worden en niet makkelijk in te deuken zijn.)
Laat de douche-dampers afkoelen en bewaar ze, in hun papiertje, in een luchtdicht afsluitbare doos tot het moment van gebruik. Pas vlak van tevoren druppel je er de etherische olie op, haal je ze uit het papiertje en leg je ze op de bodem van de douche-vloer. Niet precies onder de waterstraal, want dan lossen ze snel op, maar ergens daar waar er af en toe wat water op spettert. Probeer de neiging te onderdrukken om er met je voet op te voelen of het schijfje al zacht wordt. Dat wordt ie namelijk, en brokkelt onder de druk al snel uit elkaar waardoor het alleen maar sneller oplost. 

In het oorspronkelijke recept was er ook de keus om het mengsel niet in de oven te bakken, maar ze zo aan de lucht te laten drogen. Zelf zou ik dat niet aanraden. De schijfjes blijven zo heel bros en verbrokkelen veel sneller in de douche zodat je er minder lang profijt van hebt. Ook werd aangegeven om meteen al de etherische olie toe te voegen (zelfs vóór het bakken). Mij lijkt dat niet slim. Hoe langer het duurt hoe meer de etherische olie zal vervliegen. Door het vlak voor gebruik op de schijfjes te druppelen heb je een optimale sterkte. Bovendien geeft het je zo de gelegenheid om de geur van de douche-damper aan te passen aan het moment. Enkele suggesties....

Variaties:

Door verschillende etherische oliën te gebruiken kun je de douche-damper gebruiken voor verschillende gelegenheden. Enkele suggesties voor gebruik:

  • Bij sinusverstopping: eucalyptusolie, pepermuntolie, tea-treeolie
  • Bij griep: 4 dieven mix (klik), tea-treeolie, 
  • Bij hoest: tijmolie, dennenolie, tea-treeolie
  • Voor ontspanning: lavendelolie, ylang-ylangolie 
  • Bij koude botten: rozemarijnolie, kaneelolie, gemberolie
  • Bij een romantische bui: geraniumolie, rozenhoutolie, patchouliolie, ylang-ylangolie
  • Om bij wakker te worden: anijsolie, pepermuntolie
De hoeveelheid druppels per schijfje is afhankelijk van het soort olie dat je gebruikt (pepermunt is bijvoorbeeld veel sterker dan lavendel.) maar ook van de grootte van je badkamer of douche (een inloopdouche in een grotere badkamer heeft meer nodig dan een douche die helemaal met deurtjes wordt afgesloten.) Dus het is moeilijk om een indicatie te geven. Voor de zeer frisse geuren zoals eucalyptus, anijs, tijm en pepermunt alsmede de zeer zware geuren zoals kaneel, 4 dieven mix en gember zou ik niet meer adviseren dan 8-10 druppels per schijfje, afhankelijk van de ruimte. Voor de mildere geuren zoals lavendel en ylang ylang kun je tot 10-15 druppels gaan.

Een woord van waarschuwing:

Voordat je met etherische oliën gaat werken is het verstandig om je goed te verdiepen in de werking van zo'n olie. (Uiteraard ga ik uit van natuurlijke producten en niet de synthetische geuren.) Zo is bijvoorbeeld rozemarijnolie, pepermuntolie of anijsolie niet geschikt voor zwangere vrouwen (of kleine kinderen). Gebruik bij kinderen sowieso altijd een mildere versie. Ook wordt gewaarschuwd dat het gebruik van warme damp bij astma-patiënten en kinderen met kroep niet geschikt is, daar is een koele vernevelaar beter voor.

Graag hoor ik van jullie of het iets is wat je uit wilt proberen. Hier is het een succes. Mijn man kreeg zelfs met zijn verstopte griepneus meer lucht en verlichting. Een voordeel vind ik ook dat je badkamer er voor langere tijd lekkerder door blijft ruiken, vooral als het schijfje nog niet helemaal door een douchebeurt opgelost is..

zaterdag 27 oktober 2012

C: 4 dieven mix, recept.

Griep:

Nu het najaar natter en kouder wordt beginnen de eerste griepaanvallen weer de kop op te steken. Ik ben daar meestal heel gevoelig voor en zit wat dat betreft traditiegetrouw vaak in de voorhoede van de eerste slachtoffers. (Om er later soms gezellig een tweede ronde achter te plakken) Het is het nadeel van werken in het onderwijs. Wekelijks trekken er heel wat kinderen en volwassenen in mijn lokaal voorbij, inclusief snotterneuzen, niesbuien en nare hoestjes. Het  wordt me allemaal op een presenteerblaadje aangereikt en kennelijk kan ik daar weinig weerstand tegen bieden.
Inmiddels heb ik een heel scala aan natuurlijke preventieve middelen opgebouwd om me te wapenen tegen een opkomende griep, keelpijn of flinke verkoudheid. Van vlierbessensiroop tot het snuiven van zout water uit een netipot (ook heel goed voor m'n huisstofallergie) en van uiensap, drukpuntmassages en yoga tot citroenen met gember en saunabaden. En nog veel meer, het is teveel om op te noemen. Het helpt wel degelijk want het verkort een ziekteproces en geeft veel verlichting.

"4 dieven mix":

Sinds kort heb ik nóg een methode gevonden om me te wapenen tegen bacteriën en bacillen. En dat is het gebruik van de "4 dieven mix". Dat is een mix van een aantal etherische oliën die antibacterieel, antiviraal en antiseptisch werken. Tevens werkt het tegen slijmvliesontsteking en stimuleert het het immuumsysteem, de bloedcirculatie en de ademhaling. Er wordt geschreven dat het op de Weber State University van Utah bewezen is dat het 99% van de luchtgedragen bacteriën doodt (Al heb ik dat daar op de website niet terug kunnen vinden.) Feit blijft wel dat van de afzonderlijke etherische olieën bekend is dat het bacteriewerende of schimmelwerende eigenschappen heeft.

Achtergrond:

De naam van de "4 dieven mix" is ontleend aan de legende van de "4 Dieven". Er zijn verschillende variaties van dit verhaal maar de rode lijn verteld over een aantal rovers die in de 15 eeuw in Frankrijk 's nachts graven en huizen van slachtoffers vd pest leegroofden. In eerste instantie werd er niet veel aandacht besteed aan deze dieven, vanuit de verwachting dat ook zij snel zouden worden getroffen door deze zeer besmettelijke ziekte, maar de rooftochten bleven doorgaan. Uiteindelijk werden de rovers betrapt en gevangen genomen. In ruil voor een lichtere straf werd gevraagd naar het geheim van hun resistentie tegen de pest. Dit bleek een azijnmengsel te zijn waarin verschillende planten en kruiden waren getrokken. Van dit dievenazijnrecept doen heden ten dage veel variaties de ronde, een die ik heb gevonden betrof wijnazijn geïnfuseerd met alsemkruid, moerasspirea, jeneverbes, rozemarijn, kamfer, salie, kaneel en kruidnagel, maar of dat het officiële recept is.. als er überhaupt al sprake is van een officieel recept! In Frankrijk wordt wel nog steeds "Vinaigre des Quatre Voleurs" verkocht. Er bestaan ook veel simpele recepten van deze dievenazijn. Maar net als de mix van de etherische oliën is het eerder een verwijzing die duidt op de sterke genezende en beschermende kracht van de samenstelling dan dat het ooit echt vier rovers tegen de pest beschermd heeft. Toch, een mooi verhaal om ermee te verbinden.

Recept "4 dieven mix":

Ik heb twee variaties gevonden. Beide met precies dezelfde ingrediënten maar met verschillende samenstelling.
Het eerste recept gebruikt gelijke delen van alle ingrediënten, het tweede recept houdt de volgende hoeveelheden aan:
-40 druppels kruidnagelolie
-35 druppels citroenolie
-20 druppels kaneelolie (schors of blad)
-15 druppels eucalyptusolie
-10 druppels rozemarijnolie

Als je deze mix zelf samenstelt, let dan goed op de zuiverheid van de etherische oliën. Gebruik in geen geval synthetische olie, daar gaat geen geneeskrachtige werking van uit. Ik heb via internet geen bedrijf gevonden die dit kant en klaar verkoopt in Nederland, wel in Engeland (klik). Zelf samenstellen is qua prijs:hoeveelheid goedkoper.

Kruidnagelolie: Is van alle etherische oliën het meest antiseptisch en antibacterieel. Daarnaast werkt het tegen schimmels, infecties en is het antiviraal. Het heeft een kruidige geur wat stimuleert en opwekt. Kruidnagel heeft de hoogste score als enkel ingrediënt op de ORAC-schaal ooit gemeten. (Een schaal die de sterkte in anti-oxidant werking meet.) Vandaar dat het het belangrijkste en grootste ingrediënt is in deze mix.
Citroenolie: Heeft bestanddelen die antiseptisch werken en de immuniteit versterken. Het stimuleert de circulatie, de werking van witte bloedcellen en het lymfatisch systeem. De geur werkt verfrissend en opwekkend.
Kaneelolie: Een van de krachtigste oliën wat betreft de antiseptische, antibacteriële, antivirale en ontstekingsremmende werking. De geur werkt verwarmend en stimulerend.
Eucalyptusolie: Werkt antibacterieel, antiviraal en ontstekingsremmend. De geur werkt verkoelend, verfrissend en geeft energie.
Rozemarijnolie: Is antiseptisch en antibacterieel. Het heeft een fris kruidige geur. Niet geschikt voor zwangere vrouwen of kinderen onder de 4 jaar.

Toepassingen:

Deze mix kan op verschillende manieren worden ingezet in de strijd tegen bacteriën, virussen en schimmels.
- In luchtverstuiver: Meng op elke 100 ml water 4 druppels "4 dieven mix" en doe in een verstuiver. Regelmatig in de ruimte spuiten als je zelf (of een familielid of collega) geveld dreigt te raken met een griep of verkoudheid. Spuit ook in de auto, op de slaapkamer, op deurknoppen, telefoon of toestenbord e.d. om besmetting te beperken. Of op tegels in de badkamer tegen schimmel.
- In brander: Doe 2 druppels in een brander voor etherische olie. Sommige sites raden aan niet langer dan 20 minuten te branden per keer.
- In massageolie: Een olie zoals olijfolie of jojobaolie is geschikt. Vanwege de sterke ingrediënten is het raadzaam niet teveel te gebruiken in een olie, vooral voor mensen met een lichte of gevoelige huid. Ook niet gebruiken vóór een zonnebad. 1 à 2 druppels per 200 ml. afhankelijk van de gevoeligheid van je huid. Je kunt het testen door een beetje olie aan de binnenkant van je pols te smeren en te wachten of je op een van de ingrediënten reageert. (Een milde manier is om je voeten in te masseren voor het slapen gaan.)
- In schoonmaakmiddelen: Doe 3 à 4 druppels in een schoonmaaksopje, voor het afnemen of dweilen.
Op deze manier kun je ook een paar druppeltjes in de kledingwas doen, bij je normale wasmiddel (en met name bij die enkele wasbeurt die je vergeten bent uit de machine te halen en enigszins bedorven ruikt.)
- In stoombad: Hiermee bedoel ik een stoombad om boven te inhaleren als je verkouden bent. 2 à 3 druppels in een pan heet (niet kokend) water en een handdoek over je hoofd. Houd je ogen zoveel mogelijk gesloten.
- In kledingkast: Enkele duppels op een geurzakje in je kledingkast.

Hoe je het ook doet, gebruik niet téveel. De geur is vrij zwaar en kan dan gaan overheersen of zelfs irriteren. Gebruik ook nooit puur op je huid, daarvoor is deze mix te sterk. Je merkt snel genoeg waar jouw grens ligt, maar voer het langzaam op i.p.v. te snel te veel.

Tot slot:

Nooit gedacht dat ik het zo snel nodig zou hebben. Op de citroenolie na had ik alle etherische oliën al in huis, en op de dag dat ik m'n bestelling voor de citroenolie ging ophalen werd m'n man ziek. Verkouden, keelpijn, hoesten etc. Het hele arsenaal. Als een snotlapje ligt hij afwisselend op de bank of in bed. Tot nu toe heb ik de verstuiver en de brander gebruikt hiervoor. En ook al zijn er pas 3 dagen gepasseerd, tot nu toe ben ik nog niet ziek : )

dinsdag 16 oktober 2012

M: pompoenpannekoeken en soep

Het is inmiddels herfstvacantie en nadat iedereen hier in huis ziek is geweest (een flinke griep, ik lees jouw blog nog eens door over weerstandverhogende middeltjes), zijn we inmiddels weer wat opgeknapt. We zijn nog een beetje lui (nu kan het) en we vermaken ons met wat lezen, de hoogstnodige dingen in huis halen, wat lekkere kleine dingen eten en wat surfen op de computer. En hoewel het er tot nu toe niet van was gekomen om zelf berichtjes te plaatsen, hield ik de laatste ontwikkelingen hier op dit blog goed bij...

Altijd leuk om te lezen waar mijn zus zich mee bezig houdt. En nu ik dit tekeningetje in een boekje weer tegenwam, moest het er maar eens van gaan komen. Het begin wordt gemaakt!


1 van de kleine recepten waar we weer wat mee aansterken, en wat hier in hier altijd met gejuich wordt ontvangen zijn pompoenpannekoeken. Sinds mijn oudste zoon voor zijn verjaardag het eerste luisterboek van Harry Potter kreeg, spraken de lekkernijen die daarin beschreven worden tot onze verbeelding: smekkies in alle smaken, droptoffees, chocokikkers, ballonbruisballen, karamelkevers,boterbier, honingwijn, ketelkoeken en pompoentaartjes.

En nu met het najaar om de hoek en de moestuin vol pompoenen, kunnen we hier weer volop aan de slag! Tot nu toe had ik de mooie oranje pompoenen in de tuin staan (de japanse Hokkaido, ook wel oranje zon genoemd), dit jaar zijn het de gele flespompoenen. En hoewel in gehecht ben aan de oranje kleur, die ook al decoratief staat gewoon op een tafeltje,


ben ik na mijn eerste kookervaring ook erg gecharmeerd van de gele flespompoen. Al vind ik ze minder decoratief, het ontpitten gaat veel sneller, de schil is minder hard en de smaak is in de pannekoeken ook gewoon goed bevonden door de vriendjes van mijn jongste. Meer, we willen wel meer! De soep werd veel romiger en hoewel een beetje bleek geel-groenig van kleur is de smaak goed. Vooruit, snel de rest van de flespompoenen oogsten die nu nog in de tuin liggen.

Voor de pompoenpannekoeken, geen taartjes zoals bij Harry Potter, maak je gewoon pannekoekbeslag, een beetje stevig met maar 1 ei, met daardoorheen 1/4 tot 1/3 gekookte pompoen. Op gevoel maak ik het beslag van de juiste dikte. Voor ons mag het wat dik beslag zijn. De pannekoeken worden wat zoeter en steviger door de pompoen.
De rest van de pompoen kook ik alvast en vries dan in of vries ze rauw in, in kleine stukjes gesneden. Rauw is 1 boterkuipje vol genoeg voor een stuk of 10 pannekoeken. Ook koud nog steeds lekker, al krijgen ze daar hier weinig kans voor.

Voor de soep fruit ik 2 teentjes knoflook, samen met 1 grote ui en provencaalse kruiden. Daarna gaat de pompoen in stukjes erbij, met of zonder schil (bij mij de gele met schil, de oranje zonder, al moet met met schil ook prima gaan) even stoven en daarna 2 bouillonblokjes met het bijbehorende water erbij. Een 15 minuten koken totdat de pompoen zacht is, peper en zout naar smaak en evt. kerrie erbij. Ik mix het met een staafmixer redelijk glad, meer voor de kinderen die dan ook wel soep willen, zeker als het buiten koud en nat is... Een voorraadje in de vriezer en laat dan de herfst maar komen!




de gele flespompoen, dus ook lekker...

C: Zaadrepen voor de moestuin.

Het is herfstvakantie nu, in het zuiden van Nederland. Nog even en de wintertijd gaat weer in. De bomen zijn al aan het verkleuren en de dagen worden kouder en natter.
Terwijl de meeste mensen bezig zijn hun tuin winterklaar te krijgen ben ik bezig m'n moestuintje in de achtertuin voor te bereiden voor de winterronde. Want ook met kouder weer kun je nog best wat zaaien en oogsten, al is het hebben van een kas of koude bak haast wel een vereiste.
Ik heb m'n zinnen gezet op het zaaien van met name veldsla, wat erg goed tegen koude temperaturen kan, maar ook kropsla, ijsbergsla en snijbiet kunnen nog nét. En de teentjes knoflook ook. Vooral de slasoorten zijn handig om dicht bij huis te hebben, wat goed uitkomt want ik sta nog steeds op de wachtlijst voor de volkstuinen.
Kwam op internet het volgende handigheidje tegen: zaadrepen. Zo kun je binnen in de warmte van een kachel je zaadjes alvast voorbereiden op de juiste plantafstand en hoef je ze vervolgens alleen nog maar op de juiste plek neer te leggen en iets te overdekken met aarde. Op deze manier kun je ze ook een poos bewaren, dus mocht je tijdens de koude wintermaanden toch alvast iets voor je moestuin in het voorjaar willen doen... Bovendien zijn het leuke cadeautjes om weg te geven, oprollen, strik eromheen, klaar!
Dit heb je nodig:
-repen krantenpapier (zonder gekleurde inkt) van ongeveer 1,5-2 cm. (Keukenpapier kan ook.)
-biologische tarwebloem
-water
-zaadjes
-lineaal
Meng de bloem en water samen tot een lobbige pasta. Je hebt niet veel nodig dus begin met 1 à 2 theelepels bloem en voeg daar al roerend en druppelend water aan toe. Breng vervolgens met een stokje op de gewenste afstand steeds een dikke druppel pasta aan op je krantenreep. Laat daarna in elke druppel 2 à 3 zaadjes vallen en laat alles drogen voor je het oprolt en gebruikt of bewaart.
Het is supersimpel. Schrijf op de strook welke zaadjes het zijn en klaar ben je!
(Bij mij gaat er op deze manier nog gauw wat veldsla in de moestuin.)

Wat denken jullie? Ook doen?

maandag 15 oktober 2012

C: Tamme kastanje

Als je het geluk hebt om, net als ik, in de buurt te wonen van een paar openbare tamme kastanjebomen, dan is er niets leukers dan op een mooie herfstmorgen tijdens het wandelen te ontdekken dat de kastanjes weer beginnen te vallen. In eerste instantie zijn dat de kleinere exemplaren waardoor je steeds weer opnieuw het idee krijgt dat het een slecht kastanjejaar is. Maar dan opeens, op een ochtend, liggen er zomaar een paar knoeperds tussen en vindt je met een beetje geluk de bolsters waarbij alle zaden groot zijn. Ik voel me dan als een kind in een snoepwinkel! (Tamme kastanjes zijn namelijk super lekker en gezond. Ze bevatten veel minder vet dan noten en zijn goed te combineren in allerlei gerechten.)
Haast is dan geboden want de tamme kastanjes blijven maar een korte periode goed. Een kleine week na het vallen, hooguit. En dat weten de muisjes natuurlijk ook! En de wormpjes! Nog dezelfde middag ga ik met een tas terug en begin te rapen..en rapen..en rapen!
De selectie begint al meteen onder aan de boom. Een tamme kastanje moet heel strak in z'n bruine vel zitten, en geen scheurtjes vertonen of gaatjes hebben. Ik kies alleen de grotere exemplaren, van zo'n 10 gram per stuk. De kleinere laat ik liggen voor de muisjes. Ik maak ook de plechtige afspraak dat ik alles wat ik raap netjes zal verwerken en dat ik het anders weer terug naar het bos zal brengen. Toch even slikken toen het thuis allemaal uitgespreid op tafel lag, ruim 700 tamme kastanjes!! Ga er maar aan staan! (Cousje wil wel helpen zo te zien.)
Ik heb ooit ergens gelezen dat tamme kastanjes na een paar dagen op kamertemperatuur zoeter worden, maar zelf heb ik dat nog nooit gemerkt. Wel gaan ze na een paar dagen al duidelijk indrogen, ze gaan steeds losser in hun schil zitten, een teken dat je al zowat te laat bent. Door ze dan in een bak met water te gooien zul je merken dat er al een aantal gaan drijven. Die kun je niet meer verwerken. Heb je tamme kastanjes geraapt maar niet meteen de tijd om er iets mee te doen, leg ze dan in een papieren zak in de koelkast. Daarmee verleng je de houdbaarheid met een week.

Tamme kastanjes verwerken:

Kastanjes koken:
De meeste mensen weten niet zo goed wat ze met tamme kastanjes moeten doen. Hooguit roosteren misschien wat inderdaad heel erg lekker is. Maar dat is niet te doen voor zo'n hoeveelheid als ik uit het bos meegenomen heb. Nu kun je tamme kastanjes heel goed invriezen, alleen niet rauw, daar worden ze droog en melig van. De aller makkelijkste manier om kastanjes te garen én te pellen is d.m.v. koken.
Meestal wordt gesuggereerd om de kastanjes in te kruisen, maar de volgende methode is makkelijker (en veiliger). Snijd daarvoor de kastanjes met een scherp mes in de lengte helemaal doormidden. Ik verwerk steeds 10 kastanjes (20 helftjes) per keer. In de tijd die ik nodig heb om ze te pellen kan de volgende lading alweer koken, precies lang genoeg. Bovendien kun je op deze manier meteen goed zien of er geen wormpjes of ander rottigheid inzit.
Links zijn goede en gezonde tamme kastanjes. Je ziet bruine dingetjes maar dat zijn de vliesjes die ingevouwen zitten en is normaal. Rechts zijn de kastanjes die je weg moet gooien. Duidelijk verschil, toch?
Doe ze in een pan met zacht pruttelend water. Niet vol aan de kook want dat gaat te hard. Gemiddeld voor zo'n 8 minuten. Sommigen adviseren een scheutje olie in het water om het buitenste harde schilletje zacht te maken maar dat is helemaal niet nodig. Laat je ze té lang koken dan worden ze te zacht, dat bemoeilijkt het pellen juist weer.
Haal ze er met een schuimspaan weer uit. Als je een paar rondes gehad hebt wordt het water steeds bruiner en kun je niet altijd meer zien of er nog tamme kastanjes in het water liggen, even goed hengelen dus.
Hier is mijn truc. Na de kooktijd leg je ze meteen in een kom met warm/heet water. Dit zorgt ervoor dat de bruine buitenste schil niet weer indroogt terwijl je ze aan het pellen bent. (Je wilt juist dat ze heel soepel blijven want dat maakt het pellen zoveel makkelijker en vlugger.) Als je ze gewoon op het aanrecht legt drogen ze al  in voor je op de helft bent. Nog belangrijker, de kastanjes blijven zo ook warm. En hoe warmer ze zijn (liefst zo heet mogelijk) des te makkelijker is ook het binnenste vliesje te verwijderen, datgene wat de kastanjes een beetje bitter maakt. Gebruik voor het pellen je vingers of werk met het puntje van een mes. Als het goed is kun je de buitenste schil vrij makkelijk omklappen en wegscheuren.
(Doe meteen weer een nieuwe lading in de kookpan, tegen de tijd dat je klaar bent met pellen zijn deze weer gaar en kun je sneller doorwerken.)
Tja, dat binnenste vliesje. Dat maakt het pellen een stuk tijdrovender. Links zie je een gepelde kastanje met vliesje en rechts eentje zonder. Het wel of niet laten zitten van zo'n vliesje beïnvloedt de smaak wel. Zonder vliesje zijn tamme kastanjes, warm of koud, verreweg het lekkerste. Zoet en zacht van smaak. Mét vliesje zijn warme tamme kastanjes iets meliger dan zonder, maar beslist niet bitter. Als ze afkoelen komt die bittere smaak wel naar boven. Het is een kwestie van smaak maar ook van wat je er mee wil. Ga je tamme kastanjes gebruiken in warme gerechten met andere ingrediënten erbij, bijvoorbeeld door de aardappelpuree, door pannekoekenbeslag, als kastanjesoep of iets dergelijks, dan zou ik niet de moeite doen om al die vliesjes weg te peuteren. En wel om de volgende reden...
Met de gewone tamme kastanje, zoals ze in Nederland en grote delen van Europa in het wild voorkomen, zit het bewuste vliesje namelijk helemaal/of gedeeltelijk door het middelste van de kastanje heen, zoals bovenste foto goed laat zien. Soms laat zo'n partje makkelijk los en is het vliesje redelijk snel te verwijderen (als de kastanje dus nog warm en vochtig is) maar veel vaker is het een gepeuter vanjewelste, en breekt het vliesje heel makkelijk af. Om die reden zijn er voor de commerciële doeleinden tamme kastanje-variëteiten gekweekt waar het vliesje niet ingevouwen zit en er vaak ook maar één enkele grote vrucht in de bolster zit. Maar ja, die hebben wij niet. En dan is het een kwestie van een keus maken. Wel genieten van de heerlijke tamme kastanjes in onze omgeving maar dan wellicht met vliesje, of extra (extra lang) de tijd nemen om ook die vliesjes weg te halen? Ik koos voor het eerste, vooral ook omdat ik er 700 te gaan had, maar ook omdat ik het toch in warme gerechten ga toepassen, dan neem ik een beetje meligheid voor lief.  Hoewel ik wel af en toe onder het pellen een paar kastanjes helemaal stripte en dan gauw opat, als traktatie voor mezelf! Mocht ik wel een gerecht willen maken waarbij de tamme kastanjes koud of solo zijn, dan koop ik wel een potje!
Waar ik wel extra op let zijn de "touwtjes" die soms over zo'n kastanje lopen. Meestal in een diepe groef. Die haal ik wel weg. Ze lopen vanaf de onderkant (waar het lichtbruine vlekje in de schil zit) naar boven toe. Als ik de kastanjes pel begin ik daarom altijd bij het kontje, dan trek je vaak al automatisch zo'n draadje mee.
En zo werk ik dus gestaag door. Zo'n dikke twee uur, daarna is m'n zin op, m'n handen rimpelig van al het water en met een beetje doorwerken een grote schaal vol.
Klaar om per 200 gram in diepvrieszakjes te gaan. Dit was alvast zo'n anderhalve kilo. Het totaal was uiteindelijk ruim 5 kilo na het pellen. Genoeg voor de komende winter lijkt me zo.

 Kastanjes roosteren:
Voor degenen onder jullie die niet met een volle tas tamme kastanjes thuiskomen, maar daarentegen een  bescheiden paar handjes verzamelen en geen voornemen hebben om het door een gerecht te doen, kunnen misschien beter de kastanjes roosteren/poffen. Het heeft iets om met een warme kastanje in je handen bij de kachel te zitten, het pellen is ook lang zo erg niet als je er maar een paar hoeft en je kunt het meteen in je mond stoppen. Glas wijn erbij of een kop warme chocolademelk..Hmmm, ultiem herfstgevoel.
Een paar tips om ook hier het pellen te vergemakkelijken.
Kruis ook hier de kastanjes niet in maar snijd ze helemaal rondom in. Dit is het meest gevaarlijke moment want de schil is hard en taai. Gebruik een scherp mesje dat gaat veel beter, maar schiet niet uit. Ik maak meestal een begin en draai dan de kastanje rond terwijl ik het mesje er slepend tegenaan hou.
Kook daarna de kastanje voor 1 à 2 minuten in een pan met zacht kokend water. Daardoor gaat de schil al voor een stuk openstaan. Een goed begin.
Bak daarna de kastanjes in een voorverwarmde oven op 200 graden, voor ongeveer 20 minuten. De schil verschrompelt en wordt hard.  
Je kunt ook een speciale kastanjepan gebruiken (Een met open gaten in de bodem) of zelfs een gewone braadpan, op zowel gas als elektrisch fornuis. Blijf dan regelmatig de kastanjes omschudden. De tijd is afhankelijk van de grootte van de kastanjes en de hoogte van je pit maar duurt over het algemeen langer dan in de oven.
Voor kastanjes in het vuur (kachel, open haard) kun je de kastanjes het beste in wat aluminiumfolie wikkelen en dan in de hete as leggen waar geen vuur brandt, voor ongeveer 15-20 minuten.
Kerf je de kastanjes niet in dan gaan ze letterlijk poffen. Vroeger deden we dat thuis wel eens. Dan legden we ze zo op de hete kachel en na verloop van tijd schoot er dan eentje keihard tegen het plafond aan, wij lachen.. Maar ja, echt veilig is dat natuurlijk niet want wie weet schieten ze de volgende keer schuin tegen je kop aan. En hard en heet zijn ze dan zeker!
Leg de hete kastanjes in een theedoek en dek ze toe. Zo blijven ze langer warm als je ze gaat pellen en eten. Wacht niet te lang en maak niet te grote hoeveelheden per keer. Ook hier zijn ze het aller lekkerste als ze warm zijn. En vanwege het hoge zetmeelgehalte vullen ze vrij snel.
De schil staat nu ver open en is redelijk hard. Als het goed is kun je ze nu makkelijk als twee helften afpellen. Soms breekt de hele kastanje doormidden, dan pak je een theelepeltje en lepelt de twee helften uit.
Vanwege de ingevouwen binnenste vliesjes is het ook bij het roosteren van kastanjes erg moeilijk om ze helemaal kaal af te pellen. Niet teveel moeite doen en gewoon zo opeten. Het vliesje smaakt warm niet bitter en de meligheid is bij het roosteren veel minder dan bij het koken.


P.S. Meer lezen over tamme kastanjes? Klik hier
Fijne herfst allemaal! Graag hoor ik terug of jullie iets aan mijn verhaal hebben gehad!